|
|
 |
Publications > Sociale Verdediging: afschrikking en verdediging door burgers Gene Sharp Civilian-Based Defense: Deterrence and Defense by Citizens - Dutch
Sociale Verdediging: afschrikking en verdediging door burgers Gene Sharp Civilian-Based Defense: Deterrence and Defense by Citizens - Dutch
|
|
Download PDF (1.8M)
Published 1982
Monografie No 1. uitgegeven door de Stichting Maatschappij en Krijgsmacht, 's-Gravenhage. Winter 1981-1982.
A major exposition of the concept of organized nonviolent civilian
resistance against attempted coups d'état and foreign occupations.
Languages available:
English,
Chinese,
Dutch,
Estonian,
French,
Hebrew,
Korean,
Latvian,
Lithuanian,
Russian
| INHOUD |
|
Woord Vooraf door
prof. dr. J.S.van Hessen |
1 |
|
Inleiding |
5 |
| I |
Sociale Verdediging |
7 |
| II |
Afschrikking Door Sociale Verdediging |
14 |
| III |
Gevechtsmogelijkheden Van Sociale Verdediging |
16 |
| IV |
Het Verloop Van Het Conflict : (1) Eerste Fase |
21 |
| V |
Het Verloop Van Het Verdedigingsconflict : (2) De Verdediging
In Volle Omvang |
29 |
| VI |
Mislukking En Succes In De Sociale Verdediging |
37 |
| VII |
Internationale Deelneming Aan En Ondersteuning Van Sociale
Verdediging |
44 |
| VIII |
De Vooruitzichten Bij Het Aanvaarden Van Sociale Verdediging |
46 |
| IX |
Potentiële Voordelen Van Een Sociaal Verdedigingsbeleid |
51 |
Excerpt:
WOORD VOORAF
Tot de internationaal bekendste figuren die zich bezighouden met
sociale verdediging, opgevat als alternatief voor defensie door middel
van geweld, kan ongetwijfeld de Amerikaanse hoogleraar Gene Sharp
worden gerekend die o.a. als Visiting Scholar verbonden is aan de
Harvard Universiteit.
Zijn gewaardeerde inbreng in de discussies rond dit thema berust vooral
op de unieke prestatie van een vijftienjarig onderzoek naar het in de
historie vóórkomen van sociale verdediging.
De analyse van dit materiaal werkte hij uit tot een dringend
appèl in een omvangrijke studie onder de titel "The politics of
non-violent Action" (Boston 1973).
Zowel in dit werk als in talrijke andere publicaties geeft Sharp er
zich rekenschap van dat het hem bij deze studie niet alleen gegaan is
om een feitelijke historische weergave - hoe belangwekkend dit op
zichzelf ook al zou zijn geweest - maar ook en vooral om een
bood-schap. Omwille van de strekking hiervan, zoals ze in grote lijnen
in deze brochure is weergegeven, dient Sharps standaardwerk niet zonder
meer als een sociologische verhandeling te worden gelezen. Het is
te-gelijk zowel meer als ook minder dan dat.
De meerwaarde. wordt gevormd door de uitgesproken intentie om aan de
hand van een rijkdom aan historische ervaringen - via een te zeer
vergeten hoofdstuk - een lea uit de geschiedenis te trekken. Om deze
goed te laten overkomen heeft Sharp het zich enerzijds extra moeilijk
gemaakt.
Hij ziet er nl. van af dit onderzoek te componeren als illustratie van
het credo van een bij hem wel aanwezige pacifistische gezindheid, als
een toelichten, onderstrepen en propageren vanuit een vooronder-stelde
ethische stellingname.
Bij Sharp staat een historisch realisme voorop. Het gaat hem nl. om de
alternatieve feitelijkheid van de
niet-gewelddadige defensie tegen geweldsovermacht. Dit alternatief laat
zich als realiteit en daarmee als mogelijkheid veelvuldig in de
geschiedenis op heterdaad betrappen. Hieruit trekt hij de consequentie
dat sociale verdediging als iets (her)haalbaars valt te organiseren en
voor te bereiden. In dit perspectief kan - en moet - men het
onderwerpen aan systematische analyses en uitwerken tot efficiënte
strategieën.
Vanwege de prioriteit van doelmatigheid en economie bij het mobiliseren
van een collectief afweer-potentieel die Sharp hierbij als legitimatie
propageert, zou men kunnen zeggen dat hij in eerste instantie althans
geen boodschap heeft áán, maar wel vóór het
principiële pacifisme.
Anderzijds heeft hij het zich hierom ook gemakkelijker moeten maken.
Bij de uit zijn materiaal afgeleide concepties maakt hij verder geen
onderscheid tussen zulke sterk uiteenlopende situaties als dictaturen,
onderdrukkingssystemen, massale machteloosheid en internationale
oorlogen, militaire bezettingen, e.d.
De diversiteit van dit alles krijgt nog een extra nadruk vanwege de
uiteenlopendheid van de historische, sociale, culturele en economische
constellaties waarin ze zich voordoen. Sharp neemt dit alles op in
één abstraherend panorama.
Het is vanwege deze hoge abstractiegraad dat zijn werk de indruk maakt
minder te zijn dan een vooral ook sociologisch te bestempelen onderzoek.
Enerzijds maakt hij het in dit opzicht extra moeilijk door niet zijn
toevlucht te nemen tot een zo super hoge graad van abstractie als in
het begrip : structuurgeweld is verdisconteerd. Daarmee wordt immers
een zo universele en eindeloos uitrekbare term binnengehaald dat zijn
boodschap vrijwel inhoudloos zou zijn geworden.
Er valt nl. moeilijk iets te bedenken waarop deze term niet van
toe-passing zou zijn. Ook hier geldt echter weer dat Sharp om door deze
zelfbeperking zijn non-violence opvatting niet al te zeer in de
warrigheid en weerbarstigheid van de sociaal-historische werkelijkheid
te laten wegvloeien het zich anderzijds weer en nogal arbitrair
ge-makkelijk heeft moeten maken.
Hij brengt een rigoureuze scheiding aan : alles wat onder de categorie
sabotage onder te brengen zou zijn hoort niet tot zijn concept van
sociale verdediging.
Hierdoor blijven in de weergave van zijn historische informaties - en
conclusies voor de toekomst - sabotagecomponenten buiten be-schouwing.
Zo ontstaat het gevaar van een vertekende beeldvorming van
non-violence. De samenhang van slagen en falen met de, immers niet
"geweldloos" zijnde, sabotage wordt daardoor bij voorbaat geelimineerd.
Met name op dit punt valt de grens tussen nièt en wèl
gewelddadig bijzonder moeilijk te trekken.
De kritische lezer zal dan ook in die zin nog wel eens de werkbrauwen
ophalen, zowel bij Sharps voorbeeldenmateriaal als bij de oproep mee te
gaan met zijn strategische en taktische aanwijzingen.
Overigens dient te worden gezegd dat Sharp zelf de laatste zal zijn om
zijn eigen veelomvattende maar abstracte concepties als definitieve
diagnose en therapie aan de man - en de vrouw - te willen brengen.
Daarvoor is hij zich te zeer bewust van het feit dat er nog heel wat te
bestuderen overblijft. Er valt nog een grote afstand te overbruggen
tussen de weidsheid van zijn intenties en een zodanig in te vullen
werkelijkheid dat zijn boodschap als voldoende herkenbaar overkomt.
Die herkenbaarheid is nodig tot in de regionen van het meest alledaagse
bestaan om overtuigend en motiverend in mobilisaties te kunnen worden
omgezet.
Voor dit brede met sociale concreetheid te vullen hiaat zal met name op
de sociologie een beroep dienen te worden gedaan.
Sharps ideeën en bedoelingen vragen juist in deze zin om kritische
beschouwingen, empirische data en bijstellende herzieningen.
Zijn onderwerp is te belangrijk en zijn intellectueel engagement te
overtuigend om het te laten bij een niet-meer-dan-louter kennisnemen
van enige historische en ideële opties.
Prof. dr. J.S.van Hessen
|
|